4-4-4

Het leek zo’n goed idee: mijn geboortedatum als startnummer voor mijn 10e Brocken Challenge. Tegen enige vergoeding kon je binnen bepaalde marges je eigen startnummer kiezen. Maar het gevoel herboren te zijn bleef dit jaar achterwege. Integendeel, het had meer iets weg van een geleidelijk afsterven…

De Brocken dus niet gehaald. Na ongeveer 70 kilometer, bij Köningskrug (Braunlage) wierp ik in de kille duisternis de spreekwoordelijke handdoek. Of eigenlijk wierp ik hem niet, maar kreeg ik hem door iemand om de rillende schouders gedrapeerd. Met nog maar 5 minuten marge ten opzichte van de cut-off en nog 11 kilometer te gaan en nog 370 meter te klimmen naar een door orkaanwinden geteisterde Brockenspitze, moest ik de zinloosheid van het verder gaan onder ogen zien.

Terug naar het begin. Op vrijdagavond de traditionele briefing, ingeleid door de Didgeridoo bespeling door ‘race director’ Markus Ohleff, begeleid door zijn kinderen. Altijd weer een magisch moment, waarbij ook de door mij vanaf de Brockenbahn gemaakte foto van een winterse zonsondergang wordt getoond als onderdeel van een diapresentatie over ‘die Strecke’. Na enige inleidende woorden en het noemen van de sponsoren en goede doelen brak dan het voor mij grote moment aan: de ‘jubilarissen’ werden naar voren geroepen. Dit jaar waren het er drie die aan hun 10e BC begonnen. We kregen een mooie oorkonde uitgereikt door een van Markus’ kinderen. Geweldig.

De pasta-party was dit jaar in een naburige Lutherse kerk. Prima verzorgd. Voor de aangekondigde ‘BC-Andacht’ (religieuze muziek) blijkt echter weinig belangstelling te zijn. We hebben dan ook net een briefing van anderhalf uur achter de rug, moeten vroeg opstaan en ook nog van alles in gereedheid brengen.  Bovendien was het nog 20 minuten teruglopen naar de Reiterhof. Goed bedoeld, maar een beetje teveel van het goede…

De nacht. Verkeerde slaapzak meegenomen. Een oud vod dat ooit per ongeluk in een centrifuge was gestopt zodat alle voering aan één kant opeengepropt zat en er voor de rest geen enkele isolatie meer over was. Kortom: ijs- en ijskoud daar in die Reiterhof. Uiteindelijk toch nog wat geslapen met alle kleren aan en mijn jas uitgespreid boven op de ‘slaapzak’. Prima ontbijt weer om vijf uur in de ‘Alter Tanzsaal’. Biologisch en vertrouwd, heerlijke koffie.

Dan de start. Ja, het zou 5 boven nul zijn in Göttingen om 6 uur in de ochtend. Dat klopte ook wel, zij het dat het Göttinger Wald waar we de eerste 5 kilometer doorheen moesten deels op bijna 500 meter hoogte ligt. En daar was het gewoon spekglad aangevroren. Glibberen, glijden en langs de randjes van het pad lopen. Had ik nou maar mijn Yaktrax aangedaan! Even stoppen en die dingen aantrekken, maar nee hoor. De steile afdaling naar Mackenrode was gewoon niet te doen, althans voor mij niet. Hoe al die anderen dat gefixt hebben weet ik niet, maar met de ‘sweeper’ (die vanwege de gladheid van zijn fiets afgestapt was) vlak achter me kwam ik verreweg als laatste in het dorp aan. Slecht begin! Een hoop gestuntel voor iemand die al negen keer meegedaan heeft…

Eenmaal beneden was het gedaan met de gladheid en tot aan Barbis (42 km) ging het prima. Ik kwam daar 50 minuten vóór de cut-off tijd binnen. De Harz lag vóór mij en er was nog van alles mogelijk. Bodywarmer aan, Yaktrax onder en verder gaan! Vol goede moed nog steeds.

En dan volgt de ‘Entsäfter’. Twintig kilometer langs een stijgend pad door het Steinaër Tal. Vanaf hier wordt de wereld wit. Minder indrukwekkend dan in andere jaren omdat door de dooi en de stevige wind vrijwel alle sneeuw van de sparren was verdwenen. Ik heb vrijwel dat hele traject gewandeld, net als vorig jaar. Gevolg was dat ik op de Jagdkopf (km 54) nog maar twee minuten speling had op de cut-off. Dat werd me door een mevrouw op die post verteld. Maar volgens het loopschema bestaat er daar helemaal geen cut-off tijd! Je kan daar namelijk niet uit de race stappen. Die mensen stonden daar al uren in de kou en moeten natuurlijk hebben uitgezien naar het tijdstip dat ze daar konden opbreken. Het was toen bijna twee uur in de middag. Acht uur voor 53 km is zo slecht nog niet op dit parcours. Hoe dan ook, de moed zonk me door deze ‘schrikbarende’ mededeling behoorlijk in de schoenen.

Het tweede deel van de ‘Entsäfter’, naar Lauschebuche, was zo mogelijk nog zwaarder. Hier was een omleiding ingesteld vanwege grootschalige bosbouwwerkzaamheden. Daardoor moesten we ons een paar kilometer lang door een tientallen centimeters dikke, niet geruimde sneeuwlaag voortbewegen via de bandensporen die er in waren gedrukt door een eerder gepasseerde vrachtwagen van de organisatie. Zwaar werk. Dankzij de loopstokken kon ik mijn evenwicht bewaren en een beetje dribbelen. Tot aan de post bij Lauschebuche (62 km) bleef het lastig om door te lopen (hier en daar was het eerder schuifelen)  over het oneffen sneeuw- en ijsdek. Ik arriveerde daar nog 10 minuten binnen de cut-off tijd. Weer tijd verloren dus.

Het begon winderig te worden en daardoor voelde het veel kouder aan dan het was. Na een beker warme bouillon gedronken te hebben ploeterde ik verder richting de volgende post, Köningskrug, op 69 km. Ook nu was er van hardlopen geen sprake meer, maar zelfs gewoon lopen kostte al (te) veel moeite. Regelmatig moest ik even stoppen om bij te komen. Mijn energie was op, ik was uitgeput. Te weinig gegeten? Misschien, maar vooral mentaal zat het verkeerd. De Brocken, die al die jaren als een magneet aan me getrokken had, kon mijn belangstelling niet meer wekken. Kwam dat door het vooruitzicht van die storm daarboven? De gedachte aan een bord Pommes Frites in Café Winkler in Schierke werd een ware obsessie. De Brocken verkopen voor een bordje patat? Een uitgeputte en gedemotiveerde geest kan rare ideeën hebben. De blaar onder mijn linkervoet deed pijn bij elke stap in de kleffe  sneeuw, maar daar kon je aan wennen.  De twee lopers die steeds bij me in de buurt hadden gezeten waren in de witgrijze duisternis vóór me opgelost. Om in dit tempo de Brocken te bereiken zou ik nog meer dan twee uur moeten lopen, en het was al tegen zessen. Het werd donker en er begon ijsregen te vallen.

En zo knapte het in mij en ben ik in Königskrug gestopt, ondanks dat de official daar me nog probeerde over te halen om verder te gaan. Kennelijk was ik nog steeds binnen de tijd… De twee lopers die ik had moeten laten gaan arriveerden uiteindelijk om acht uur op de Brocken, de laatste van de twee zelfs net over achten, wat officieel te laat was maar door de vingers werd gezien. En ik zou nóg later zijn binnengekomen… Toen ik plaats had genomen in het busje dat me naar Schierke terug zou brengen barstte er een forse hagelbui los met een paar felle bliksemontladingen. Daar zou ik midden in gezeten hebben op weg naar Oderbrück and Beyond.

Ik ben nog steeds van mening dat ik de juiste beslissing heb genomen, hoewel het best wel knaagt om de foto’s van de finishers en de uitslagenlijst op internet te zien. Als ik niet zo getobt had in die eerste vijf kilometer was het misschien anders afgelopen. Vlak voordat de bus vanuit Schierke naar Göttingen vertrok werd er nog een bundeltje binnengebracht, dichtgebonden met een touwtje waaraan een houten schijfje zat met daarin ‘444’ gebrand. Dat waren mijn ‘Klamotte’ die naar boven waren gebracht om me daar om te kunnen kleden. Dat houten schijfje is nu mijn ‘medaille’ geworden, de herinnering aan een wel heel bijzondere editie. Het zou zo maar kunnen dat ik, als ik de kans krijg,  volgend jaar toch nog ga proberen om de 10e keer naar boven te komen. Maar misschien laat ik het hier ook wel bij. De Brocken die uiteindelijk toch de sterkste was.

Brocken Challenge 9-2-2019
Afgebroken bij Königskrug (69,5 km, 1500 phm)
Ca. 11u00m (exacte tijd volgt nog)
Route

Aankomst in Barbis

Puffen op de Midzomeravondmarathon in Diever

Gezelligheid op het Kasteel voor de start

Na de Bokemei Run afgelopen zondag heb ik zaterdagavond in Diever de tweede hete marathon in één week gelopen. Vooral de eerste ronde, beginnend met twee voorloop-rondjes door het dorp was bloedheet met 29C in de schaduw maar op de zonnige stukken nog veel hoger. Ook was het benauwd en onweersachtig, maar de dreigende lucht in het zuiden dumpte zijn in deze droogteperiode hoognodige regen een paar kilometer verderop (20 tot 25 mm vers hemelwater viel er die avond zeer lokaal in zuid-Drenthe). Geleidelijk nam de warmte wat af, maar ik na de finish heb ik een kwartier op mijn rug in het gras moeten liggen om bij te komen. Maar door de goede verzorging, met een extra post aan het eind van het Studentenpad en overal heerlijke koudwatersponzen is het gelukt. Vanwege de mix van zelf meegenomen blauwe AH sportdrank, de verstrekte oranje sportdrank, cola, water en warme (ja vreemd genoeg was dat juist heerlijk!) thee ben ik de laatste ronde wel misselijk geworden, maar hoefde gelukkig niet over te geven. Die misselijkheid duurde voort tot diep in de nacht waardoor ik  slecht geslapen heb. Toch moést ik wel wat eten om niet duizelig te worden, en heb daarom in het Kasteel, lekker buiten op een bankje nadat de zon was ondergegaan en het nog ‘maar’ 23 graden was, een Radler en een patatje-met genomen. Op de één of andere manier heb ik dat grotendeels naar binnen weten te werken. Dennis Hoekstra uit Drachten schoof bij mij aan en was zo aardig om mij een lift aan te bieden naar mijn B&B ruim twee kilometer verderop. Want ik zag het niet meer zo zitten om daarheen te lopen.

Maar wat een gezellig en goed opgezet evenement was dit weer. Een echte zomerklassieker waaraan zelfs behoorlijk wat buitenlanders deelnamen die waarschijnlijk in Nederland  hun vakantie vierden. De winnaar (3:18:26) was een Zweed. Dat het door de warmte een zware editie was blijkt ook wel uit het aantal marathon-starters dat uiteindelijk voor een kortere afstand heeft gekozen: 24 van de 74, oftewel één derde.

Het heetste stuk van het parcours

Verslag Dieversportief
Uitslagen Marathon

21 juli 2018
Midzomeravondmarathon Diever
4:25:43
35 van 50 overall

Het dreigde wel maar het bleef droog, stoffig en warm

De Woestijn van het Westen

Het Woeste Westen  is een natuurspeeltuin in het Westerpark bij Amsterdam Sloterdijk. Pal tegenover de kleine maar gezellige kantine van die vlak naast de spoorwegemplacementen groenspeelzone trekt Bob Bock samen met zijn enthousiaste team van de Stichting Bokemei de tent op die de start en finish locatie vormt van de Bokemei Run. Een ‘kleinschalige loop voor het goede doel’ en al enige jaren een ontmoetingsplaats voor  ‘die-hard’ ultralopers die niet bang zijn voor een beetje zomerse warmte. Want deze bijna 44 km lange loop wordt gehouden vlak voor de zomervakanties, in een van de warmste perioden van het jaar. Het Westerpark zou ook dit jaar weer de passende naam ‘Woestijn van het Westen’ kunnen dragen. Niet alleen vanwege de temperaturen van tussen de 25 en 30 graden maar ook omdat er door de al weken aanhoudende droogteperiode geen gras neer te bekennen valt. Grasvelden zijn dorre bruine vlakten geworden en op het oogverblindend witte ‘Konijnenpad’ (zoals Bob het noemt) wierpen de loopschoenen grote stofwolken op. Toevallig reed de Tour de France vandaag door het stof van de ‘Hel van het Noorden’ op weg naar Roubaix terwijl wij ons in deze ‘Hel van het Westen’ bevonden.

Nou ja, nu overdrijf ik een beetje, want meer dan de helft van het 4340 meter lange parcours ging over lommerrijke, met bloemen omzoomde paden en op het heetste stuk, ja dat Konijnenpad inderdaad, viel er een verkoelend briesje te bespeuren. Bovendien was de luchtvochtigheid laag zodat het totaal niet benauwd aanvoelde. Het warme weerbericht had kennelijk diverse voor-inschrijvers van plan doen veranderen, want in plaats van het maximaal toegestane aantal van 30 gingen er maar 16 lopers/loopsters van start. Niet iedereen heeft de 10 rondjes volgemaakt.vanwege de warmte.

Hoewel ik in vergelijking met mijn drie eerdere deelnames veruit de langzaamste tijd liep ben ik heel tevreden met het feit dat ik nergens hoefde te wandelen en alle 10 de ronden netjes binnen de tijd voltooid heb. Ik ben namelijk helemaal geen ‘warmteloper’. Als ik mijn gemiddelde snelheid afzet tegen die van overeenkomstige lopen dit jaar dan steekt deze daar helemaal niet slecht bij af.

Samenvattend: een heerlijk loopje met een ontzettend vriendelijke, kundige en enthousiaste ‘support crew’. Lekkere hapjes, prima drankjes en ook de zoutjes en de koudwatersponzen waren niet vergeten. Echt fijn om hieraan deel te hebben mogen nemen.

De Bokemei Run viel dit jaar samen met de festiviteiten op de naburige Westergasfabriek in verband met het 15-jarig bestaan van het Westerpark. Daardoor werden we begeleid door de klanken van het openluchtconcert aldaar. De tip die ‘local’ Wilma Dierx mij gaf dat het daar een  gezellig evenement was heb ik naar het thuisfront geapped. Zij zijn vervolgens ook naar het Westerpark afgereisd zodat ik daar naar afloop van de ‘BR’ nog een uurtje met hen heb zitten ‘chillen’ onder het genot van een ijsje en een biertje. Een topdag!

Bokemei Run
15 juli 2018
43,3 km
4u42m
7 van 11 finishers

Haarlemse Grachtenloop

Wat was het weer een leuk evenement dit jaar! Twee rondjes van 5 km door de binnenstad van de eigen woonplaats. Heel bijzonder was dit jaar dat de start plaatsvond nagenoeg op de stoep van de woning van mijn zoon Edward. Na afloop konden we dan ook heerlijk bij hem thuis chillen en napraten.

Geen gemakkelijk parcours door de vele bochten, bruggetjes, stoepranden en verkeersdrempels, maar op een enkele valpartij na kwamen bijna alle 1500 lopers op de 10 km veilig binnen. Zeker in het begin was het behoorlijk dringen en viel het niet mee om in je eigen tempo te blijven lopen. Het is dan ook geen snel parcours. Maar de leuke straatjes en steegjes, de bandjes en het enthousiaste publiek langs de route doen deze kleine ongemakken snel vergeten. En het was dit jaar bovendien eens een keer niet warm en drukkend in de stad maar heerlijk loopweer onder een bewolkte hemel en met een verkoelende noordwesten wind.

Mede daardoor liep Edward, die nog aan het herstellen was van een Japanse jet-lag, keurig ruim onder het uur. Zelf was ik, nog geen week na de 6-uursloop in den Haag, tevreden met mijn tijd van onder de 51 minuten. Een ‘leeftijds-categorie’ PR.

Grachtenloop Haarlem
22 juni 2018
0:50:54 chiptime
541 van 1448 overall
461 van 972 M

Marathon Amersfoort

Dit was een leuke en gemoedelijke marathon met veel groen. Niet de grootschalige toestanden van Rotterdam, Amsterdam of Enschede. Enigszins vergelijkbaar met Leiden, maar met 177 ingeschrevenen op de hele marathon (inclusief de estafettelopers) toch nog een factor kleiner. Met de andere afstanden erbij was het al met al een gezellige drukte op het Eemplein met zo’n 5000 lopers en lopertjes. En natuurlijk was het mooi om door het oude centrum van mijn ‘second home’, Amersfoort, te lopen. Het parcours was nagenoeg vlak.

Het ging zwaarder dan ik had verwacht door de hoge temperatuur (24C, maar met wind mee en in de zon lag de gevoelstemperatuur een stuk hoger). Gelukkig waren er onderweg voldoende drankposten en een tweetal koude douches. Ik heb de bekertjes water rijkelijk over me heen gegoten. Helaas was er weinig aanbod van voedsel. In de eerste 21 km helemaal niets en daarna af en toe een stukje banaan of appel.

Onder de vier uur blijven zat er totaal niet in. Bovendien wilde ik de eerste halve persé onder de twee uur lopen, wat lukte. Maar dat moest ik in de warme tweede helft ten volle bekopen. Toch was ik tevreden met de tijd van net iets boven de 4:15 voor een ‘last minute’ marathondeelname.

Pas afgelopen dinsdag trof ik deze marathon aan in de kalender, en heb me toen onmiddellijk ingeschreven. Het was een mooi alternatief voor het buitenlandse avontuur dat vorige week niet doorging. De voorbereiding was daardoor echter niet optimaal. Hoewel ik de afgelopen week eigenlijk had moeten ‘taperen’ had ik juist meer trainingskilometers gemaakt dan gemiddeld, in de aanloop naar de 6-uren in de Haag. Dat zal ook wel een rol hebben gespeeld bij de in de tweede  rond opkomende vermoeidheid.

Aanstaande zaterdag dient zich dus alweer de 6 uur van Haag Atletiek aan. Ben benieuwd in hoeverre het me lukt om voor die tijd een beetje te herstellen. Gelukkig heb ik me niet zoals vorig jaar voor de 9-uurs variant aangemeld. Het zou ook weer tamelijk warm worden, dus laat ik de lat, zeker na deze ‘ingelaste’ marathon maar niet te hoog leggen en op 55 kilometer mikken.

Marathon Amersfoort
10 juni 2018
4:15:25 netto
66e van 115 overall
62e van 102 M

Uitslag

Stemmetjes en een zakflacon endorfine

Flinke klauterpartij na de eerste strandpassage bij Castricum aan Zee

Zes keer heb ik de “Bos-Duin-Strand-ultraloop Castricum” van Willem/Annemarie Mütze i.s.m. sv De LAT gelopen. Vandaag was het mijn 7e deelname, en die was heel anders dan de vorige 6. Want dat waren allemaal 60-plussers oftewel ultra’s, terwijl ik dit keer (als 60-plusser) voor de marathon-versie heb gekozen. Die keuze had te maken met de toestand van mijn rechter knie, waaraan ik een week geleden een flinke Pes Anserinus Bursitis opliep, oftewel een ontstoken aanhechting van de Ganzenvoet pees. En dat loopt niet erg lekker, sterker nog: rust wordt ten zeerste aanbevolen. Maar hoe kun je rustig zijn als je dosis endorfine tot beneden het kritische peil is gedaald? Oftewel: er moet gelopen worden. Jaren geleden, in 2008 of zo, heb ik dezelfde blessure ook een keer opgelopen. De klachten hielden toen vijf weken aan, maar dat had me er niet van weerhouden om in die periode diverse marathons en ultra’s te lopen. Een merkwaardige vorm van ‘rust’, maar uiteindelijk was de klacht toch verdwenen.

Tussen Castricum aan Zee en Egmond aan Zee (km 7)

Maar desondanks zei een streng innerlijk stemmetje ‘wees deze keer nou eens verstandig!’. Verstandig was ik zeker en dus verruilde ik de 62 km voor de 43 km. Geen lus door de Schoorlse Duinen, waar de venijnigste klimmetjes liggen. En natuurlijk is er dan tijdens het lopen altijd zo’n moment waarop een ander stemmetje fluistert: ‘Jòh, het gaat toch best lekker, waarom pik je die extra lus er gewoon niet tóch bij?’. Niet doen dus. Met als gevolg dat ik voor het eerst na de camper-post van Willem in Bergen aan Zee het speciaal voor de ‘marathon’ toegevoegde extra lusje liep. Daar was ik nog nooit geweest, spannend! Vooral spannend door de twee enorme loslopende hazewind-honden die me met hun neus plat tegen de grond gedrukt bewegingloos en met grote ogen aanstaarden. Ze lagen zo stil dat ik eerst dacht dat het beelden waren.

De zee, de zee…

Geen baas of niemand te bekennen. Ik dus overschakelen naar een niet-provocerend rustig sluip-pasje en er met een grote boog omheen geslopen. Pffft…, dat liep goed af. Want de herinnering aan een zelfde type hond dat me op het strand bij IJmuiden letterlijk tegen de grond sprong was weer levendig aanwezig. Na voltooiing van dat lusje, waarin ook nog een stukje strand zat, kwam ik weer langs Willem die druk bezig was om de post op te doeken. Andere lopers zag ik niet meer – en tot aan de finish in Castricum zag ik alleen nog maar wandelaars van de LAT. Heel veel wandelaars. Veel meer dan ik bij eerdere deelnames gezien had. Vermoedelijk was ik midden tussen het hoofdpeloton van de 25 km wandelaars beland. Wel gezellig overigens.

Het Niemandsland (km 23)

Ik was in een niemandsland terechtgekomen dat zich uitstrekte tussen de marathonlopers die al voor mij uit gesneld waren (de meeste zo te zien) en de ultralopers die nog ergens in de bossen bij Schoorl rondhingen. Maar door de aanwezigheid van de wandelaars was ik nooit écht alleen. En ik kon ze ook allemaal inhalen (!). Het finishen in Castricum was ook wel apart. Er was geen loper te zien in het clubhuis van Vitesse! Waren de marathonners al naar huis? De 60-plussers waren er natuurlijk nog niet, want niemand heeft de ultra binnen de 5 uur gelopen. Dus had ik de tafel van Annemarie en haar helpsters alleen voor mezelf en verliep de procedure om het certificaat te krijgen lekker snel.

Zand, mooi los zand…

Best wel leuk, die ‘marathon’. Eigenlijk de ultra in vestzakformaat. Een zakflacon endorfine.  Een pittig dingetje, maar duidelijk lichter dan de ultra met zijn Klimduin en Jan Bas zijn tuintje.
Maar uit mijn knie leek een stemmetje te klinken dat zei: ‘Dank je wel!’

Bollenvelden bij Wimmenum

14 april 2018
Bos-Duin-Strand-ultraloop Castricum
43,8 km 466 phm
5u03m26s
Route

Toch weer onder de vijf kwartier!

Vorig jaar liep ik de Lions Heuvelloop van 15 km in 1:13:30. Daar was ik best wel blij mee aangezien ik helemaal niet meer op snelheid getraind had en eigenlijk alleen nog maar ‘long, slow distances’ liep.
Des te groter was mijn verbazing dat het een jaar later opnieuw lukte: 1:14:48 netto. Dus net boven de 12 km/uur gemiddeld. De vorm was naar mijn gevoel minder dan die van vorig jaar en bovendien moest ik halverwege nog een plaspauze toestaan van minstens een halve minuut. Natuurlijk moest ik er wel mijn best voor doen. Alle lessen van tijdens de baantrainingen bij Kombijsport, jaren gelden, kwamen weer terug in mijn herinnering: kniehef, loopsprongen, borst en knieën in één lijn…

Het weer heeft waarschijnlijk ook een handje geholpen: ideale temperatuur van een graad of 10 en een licht regentje dat voor extra zuurstof zorgde.
De Lions Heuvelloop is een leuke kleinschalige wedstrijd voor het goede doel. Het parcours loopt voor het grootste deel door het NPZK (Duin en Kruidberg), voor een deel over een dienstweg die normaal niet toegankelijk is. De Schotse Hooglanders van vorig jaar lieten zich overigens dit keer niet zien.

2 april 2018
Lions Heuvelloop
1:14:48 chiptijd
12,03 km/u
M prestatie 44 van 87
M overall

Sjravele

Is dit Sjravele…?

Ik moet nog even uitzoeken wat het betekent, maar Sjravele door Limburg op een mooie lentezaterdag is een alleszins plezante en bijzonder relaxte bezigheid. Het koude, zeg maar ijzige weer van de afgelopen weken had plaatsgemaakt voor een voorzichtige lentestemming. Zonnig, bijna geen wind en bijna 14 graden.

Willem Mütze had samen met Annemarie weer een mooie ronde uitgestippeld. Samen met ‘Sjravele 1’ op 14 februari vormde deze loop het alternatief voor de legendarische, maar niet meer georganiseerde ‘Limburgs Zwaarste’ van 100 km. Twee kleinschalige (enige tientallen lopers) en ontspannen (‘we hebben de tijd’) landschapsloopjes, beide startend in Heerlen. De eerste volgt een grote lus naar Vaals, die van vandaag liep over Schin op Geul en Valkenburg. Niet uitgepijld, op een paar krijtmarkeringen na, moest de route op de Garmin gelopen worden. Sommige deelnemers hadden zelf geen navigatie bij zich en hoopten kennelijk bij anderen te kunnen blijven die dat wel hadden. Maar dat viel niet mee vanwege de verschillende tempo’s. Zelf hield ik enige tijd een klein groepje bij elkaar aan de staart van het peloton, dat bij de laatste verzorgingspost toch weer uit elkaar viel. Die verzorgingen waren zoals we van Willem en Annemarie gewend waren: perfect. Om de 10 kilometer troffen we hun camper aan met warme en koude drank, soep, vlak en het onvolprezen sneetje brood met gebakken ei. Alleen dat vormt al voldoende reden om half april mee te doen aan de Castricum Ultraloop!

Al met al een heerlijke tocht door het heuvelachtige Limburgse land dat er deze keer droog en dus goed beloopbaar bij lag.

Ik was vrijdag al afgereisd vanaf mijn werk in Amersfoort en heb overnacht in Eilhold (Nivon) in Heerlen. Prima verblijf en ook de zondag ben ik samen met echtgenote in Schin Op Geul gebleven om nog een dagje na te genieten.

O ja, en wat betekent ‘Sjravele’ nou?
Sjravele is ein Limburgs woord veur ónröstig, óngedurig bewaege van emes dae neet sjtil kènt zitte of ligke.

Heuveltje af… (foto: Willem Mütze)

24 maart 2018
Sjravele door Limburg
53,7 km
1050 phm

7u25m
20 van 27 op 53 km, 5 lopers op 42 km, 1 op 32 km)
Route
Fotoalbum

15e editie Brocken Challenge = 150e ultramarathon

De 15e editie van de Brocken Challenge was mijn 150e gelopen ultramarathon. Het ging niet vanzelf, maar met de 12u 29m was ik dik tevreden, temeer daar het er even naar uitzag dat ik de finish helemaal niet eens zou gaan halen.

Karakteristiek beeld van het eerste deel van de route. Tussen Landolfshausen en Seulinger Warte (km 12)

De Brocken Challenge (BC) bestaat grofweg uit twee gedeelten. De eerste 42 km van Göttingen naar Barbis heeft het parcours het karakter van een niet al te zware landschapsloop. Alleen de passage over de Hellberg op circa 23 km ‘ist ein bisschen trailig’. De eerste 5 km gaan door het Göttinger Wald omhoog. Hier lagen wat sneeuwresten maar het pad is daar goed beloopbaar. Voor het overige is het tot aan Rhumequelle (km 30) voornamelijk licht golvend akkerland waarover geasfalteerde wegen en paden gevolgd worden.
Dit jaar was de situatie op de Hellberg echter wat moeilijker door de vele omgewaaide bomen die over het pad lagen. Dat was een gevolg van de zware storm Frederike van 18 januari. In het laagland werden toen windstoten gemeten tot boven de 140 km/u, op de Brocken zelfs boven de 200 km/u! We moesten ons tussen de obstakels door een weg banen en dat had tot gevolg dat ik samen met een paar andere lopers verdwaald raakte. Door zo veel mogelijk een een oostelijke en afdalende richting aan te houden kwamen we na enige tijd zowaar weer op de met oranje pijltjes aangegeven route richting Rüdershausen uit.

Chaos op de Hellberg door de talloze omgewaaide bomen

Vanaf Rhumequelle begint het ‘Harzvorland’ met een aantal wat serieuzere heuvels. Hier is het vaak de kille wind die vanaf de besneeuwde Harz omlaag komt die het voor het gevoel onaangenaam maakt. De temperatuur, die bij de start om 06:00 enkele graden onder 0 lag, liep hier op tot net boven het vriespunt. Daar is niet goed op te kleden. Onder de wind- en waterdichte buitenste kledingslaag hoopt zich transpiratievocht op waardoor het hele lijf klam gaat aanvoelen. Maar zonder die buitenste laag is het ook weer de koud. Dus linksom of rechtsom wordt je nooit warm. De enige remedie is dan ook in beweging te blijven. Dat lukte die eerste 42 km trouwens wel, waardoor ik om 11:30 in Barbis arriveerde. Daar heb ik een droge onderlaag aangetrokken die ik in mijn rugzak had meegedragen. Ook het totaal nat geworden windjack heb ik verwisseld voor een ander. Want vanaf hier begint de ‘echte’ BC pas nu we de Hochharz gaan betreden. En dat zou ongetwijfeld betekenen dat ik stukken moest gaan wandelen, waardoor je sneller afkoelt.

Bij de ‘Wasserscheide’ (Steinaër Bach) , het begin van de klim naar de Hochharz (km 45)

De volgende 10 km gaan voortdurend omhoog, het Steinaër Tal volgend. Een mooi stuk van de route langs een snelstromend beekje. Van de hellingen komen kleine watervalletjes naar beneden waarin zich prachtige ijssculpturen hebben gevormd die een tinkelend geluid maken. Vanaf nu is er geen bebouwing meer en behalve een enkele verdwaalde wandelaar kom je geen mens meer tegen.

In het Steinaër Tal (km 50)

Kon ik hier in voorafgaande jaren nog in een dribbelpasje omhoog, dit keer heb ik het hele stuk moeten wandelen. De loopstokken hielpen daarbij wel om er nog enig tempo in te houden. Maar uiteindelijk was daar dan de Jagdkopf waar een geïmproviseerde verzorgingspost was ingericht. Toen ik daar hoorde dat er nog maar 7 lopers achter mij zaten zonk de moed me in de schoenen bij het vooruitzicht van nog 26 zware kilometers ploeteren door de sneeuw. Uitstappen (ja, serieus daar dacht ik aan) was op dit punt gelukkig onmogelijk, dus zat er niets anders op dan maar weer verder te gaan richting Lauschebuche.

Op de Jagdkopf (km 54, hoogte 635m)

Ik werd ingelopen door een klein groepje waarbij ik me wist aan te sluiten. Tijdens de nu volgende lichte afdaling begon ik me weer wat beter te voelen en zonder verdere problemen bereikte ik de post bij Lauschebuche (Braunlage). Een heerlijke post met koffie en hete soep. Ja, en dan, met nog ‘maar’ 18 km te gaan, aan de rand van het Nationalpark Hochharz, begint datgene voelbaar te worden wat ik de ‘aantrekkingskracht van de Brocken’ noem. ‘Wir würden es schaffen!’. De etappes worden korter en afwisselender. Je loopt langs loipen en komt veel afdalende langlaufers tegen. Er ontstaat een alpine sfeer en het sneeuwbedekte landschap is een plaatje. 6 km naar Königskrug, dan nog 4 naar Oderbrück en je staat aan de voet van de Brocken.

Langs de langlauf loipen tussen Königskrug en Oderbrück (km 70)

De resterende 8 km omhoog naar de top van de Brocken is een wandelfeestje. De avond valt en er komt een dichte mist opzetten. Het is geheimzinnig onder de dik besneeuwde sparren. Maar dan, op nog 4 km te gaan, gaat het bijna mis. Er volgt een zeer steile helling (30%) van een paar 100 meter (‘der Rampe’)  naar het talud van de Brocken-spoorbaan. Ineens gaat het niet meer. Bij elke stap ben ik buiten adem en voel ik misselijkheid opkomen. Op een gegeven moment moet ik zelfs in de sneeuw gaan zitten. Het is inmiddels bijna donker, er waait een koude wind en het sneeuwt. Ik voel een lichte paniek opkomen. Wat is er aan de hand? Ik weet het niet. Uitputting? Ik sta op en schuifel pasje voor pasje naar boven. Dan realiseer ik me dat het mijn maag is. Te weinig gegeten en te veel koud water uit mijn veldfles gedronken. Ik heb nog een energy bar bij me en probeer deze tegen heug en meug in naar binnen te werken. Dat valt niet mee, want hij is koud en hard geworden. Al kauwend, duizelig en misselijk kom ik boven. Nu volgt er nog een licht stijgende kleine 3 km langs de spoorbaan, die langs een spiraal naar boven gaat. Het gaat weer beter met me. Ik kom afdalende wandelaars tegen die me aanmoedigen en toejuichen. ‘Bravo!’, ‘Super!’. ‘Bald geschafft’. Daar is de Brocken Strasse. De laatste steile meters geven geen probleem. De mistige lucht kleurt rood en oranje. Dat zijn de lichten van het spoorwegstation. Linksaf. Ratels en kreten klinken op uit het duister. En dan doemen de contouren van het Brockenhotel op. En het finishdoek. ‘Ziel’!

Mijn 9e BC is een feit. En daarmee ook de 150e ultramarathon. En dat mag wel even gevierd worden met soep en worst in de warme Goethesaal.
En dan voor de tweede maal omkleden in droge kleding om vervolgens over de donkere Brocken Strasse de 10 km terug te lopen naar Schierke waar de bus naar Göttingen wacht. En ach, dat die bus dan vervolgens na een kwartier met panne langs de weg staat is natuurlijk een futiliteit na deze geslaagde loopdag. Met een vervangende bus werd ik vlak voor middernacht netjes voor mijn  hotel afgezet nadat de meeste andere passagiers bij het startpunt waren uitgestapt.

Zoals een van de deelnemers in zijn verslag terecht opmerkte: ‘Die Brocken-Challenge ist längst Kult’.

(Uit de doorkomsttijden blijkt dat ik op de Jagdkopf nog maar 6 (van de op dat moment 175) lopers achter mij had. Daar zat ik dus echt in de staart van het peloton. Uiteindelijk waren het er toch nog 26 die na mij finishten op de Brocken (172), waaruit blijkt dat ik in de laatste 30 km relatief gezien weer wat progressie heb gemaakt.)

10 februari 2018
Brocken Challenge
80km, 1900 phm
12u 29m
Plus 10km Brocken-Schierke
Overall 146/170
M60 4/10

Uitslagen
Fotoreportage Arne Bischoff

Auchhh…

De start, gezien vanuit een drone

Daar lag ik dan voor de tweede keer binnen een uur plat in het duinzand. Ik was er klaar mee. Ik had zelfs geen zin meer om op te staan. Lag eigenlijk wel lekker zo. ‘Waar ben ik in hemelsnaam mee bezig? Waarom lig ik hier op een zondagochtend op mijn buik in de miezerige en grijze Voornse duinen?’. En dit was nog niet eens de zwaarste val van vandaag. Bij Hellevoetsluis zag ik door mijn totaal bemotregende brillenglazen die uit het zand omhoogstekende klomp cement totaal over het hoofd zodat ik plat voorover sloeg. Zo onverwacht dat de arm die ik impulsief uitstrekte om mijn val te breken niet verder kwam dan borsthoogte. Mijn rechter vuist werd geplet onder mijn ribben en auchhh… ik wist het meteen: gekneusde rib. Dat wordt weer 8 weken pijn bij het lopen. Lopen??? Ik moest nog 20 kilometer. Aanvankelijk viel het met de pijn nog wel mee, maar gaandeweg werd het erger. Die tweede val (gelukkig op mijn andere zijde) maakte het er niet beter op. Ik was het zat. Ik durfde niet meer. Dat vallen begint echt een trauma te worden. Gevallen tijdens de Indian Summer (lekker zacht in het mos, dat wel), gevallen in de Wooler Trail (twee maal op mijn rug voor de afwisseling). Het heeft me onzeker gemaakt en daarom heb ik even helemaal geen zin meer in trails.

Tom, John, André (toen nog in goeden doen)

Gelukkig staan die tot februari niet meer op het programma, want dan hoop ik mijn 9e Brocken Challenge te kunnen lopen. Toch maar een beetje oppassen met de komende trainingsloopjes in de duinen. Want daar heb ik mijn tot nu toe hardste smakken gemaakt: de verzwikte enkel bij het afdalen van de Brederodeberg en de gekneusde rib van twee jaar geleden, die heftiger was dan deze keer.

Die Voorne’s Duintrail heb ik nog wel uitgelopen, maar van het aanvankelijke redelijke tempo was niet veel meer over. De motivatie was weg, ondanks dat het een mooie, uitdagende en goed verzorgde loop was. Ik voelde me echt een kneusje…

Uitzicht richting zee vanaf westoever Oostvoornse meer, lopend richting Slufter (km 40)

Voorne’s Duintrail
3 december 2017

44 km
5:28:52
M 51e van 61 finishers
Route